Meesters in lekken
Meesters in lekken
woensdag 19 januari 2011
In december pleitte ik voor een Nobelprijs of op zijn minst een standbeeld voor Julian Assange vanwege zijn verdienste voor de wetenschap. Het is een goudmijn voor onderzoekers. Het aardige extraatje voor Nederland is een geweldige aanleiding om nog eens goed te reflecteren op onze eigen manier van acteren. Elke dag komt er wel iets op tafel dat de moeite waard is. Ik kijk vooral naar hoe we daarmee omgaan.
Vandaag reflecteert Gjalt de Graaf in de Volkskrant (helaas niet online) op het verhaal met betrekking tot de ambtenaar die de Amerikanen suggesties deed om minister Bos te beinvloeden met betrekking tot de kwestie Afghanistan. In zijn heldere betoog legt De Graaf haarfijn uit dat wat deze ambtenaar deed wel degelijk hun directe politieke superieuren diende. In dit geval de ministers Verhagen en Balkenende. Het is geen geheim dat zij in deze discussie andere opvattingen hadden dan hun PvdA-collega’s. Aan minister Verhagen lijkt het meer dan toevertrouwd om alles in het werk te stellen om de ander van opvatting te doen veranderen. Heel plausibel allemaal, niet verrassend. Dus in feite niks aan de hand al zal menigeen wel de wenkbrauwen fronsen over deze bijzondere aflevering van Yes Minister!
Hoe zijn de reacties?
1.De toenmalige staatssecretaris van Buitenlandse Zaken Timmermans, gebruikt hals over kop krachttermen om de actie van de ambtenaar te veroordelen. Is de werkwijze voor hem dan een verrassing? We krijgen meteen het antwoord: nee hoor, hij komt zelf ook in de berichtgeving voor. Hij doet gewoon mee in de manier van werken. Zijn opstelling nu is vooralsnog dan ook een raadsel.
2.De huidige minster Rosenthal reageert eveneens direct. Hij ontkent dat de ambtenaar heeft opgeroepen minster Bos onder druk te zetten. Dat roept meteen vervolgvragen op: fantaseren de Amerikanen in hun berichten er dan maar wat op los? Dat lijkt toch wel erg onwaarschijnlijk.
De kans is nu groot dat de manier waarop we omgaan met de berichtgeving het onderwerp wordt in plaats van de manier van werken zelf. Het lijkt een beetje op crisiscommunicatie. Daar zijn we wel vaker niet zo goed in...
Mijn inschatting is dat de manier van beinvloeden en manipuleren zoals we die nu zien, in het diplomatieke verkeer de norm is. Het is goed daarbij te bedenken dat deze stukken niet top secret zijn. Er is dus nog een overtreffende trap.