Publieksdemocratie

donderdag 18 februari 2010

 

De Raad voor Openbaar Bestuur (ROB) is een zeer actief adviesorgaan voor de regering. Gisteren werd een ongevraagd advies onder de titel “Vertrouwen op democratie” overhandigd aan Guusje ter Horst, minister van Binnenlandse Zaken.

Het boekje bevat een mooie analyse van de worstelingen van het bestuurlijke systeem in de huidige tijd. Er is sprake van een verticale bestuurscultuur die haaks staat op de horizontale ruimte waar mensen in vele (internet)gemeenschappen in een hoog tempo een enorm volume aan opvattingen en oordelen publiceren. De verticale overheidsorganisaties, die binnen de kokers ook nog eens allerlei verticale structuren kennen, hebben steeds meer moeite om het bij te benen. Een gevolg is dat het vertrouwen in de politiek al jaren daalt. Een verschijnsel dat we delen met andere landen. De vraag is op welke manier die trend zou kunnen worden omgebogen om te voorkomen dat het vertrouwen een vrije val maakt. Het gaat om de legitimiteit waarmee de gekozen bestuurders beslissingen nemen. Volgens ROB is het al voorbij vijf voor twaalf. De verticale instituties staan los van de horizontaliteit.


























ROB huldigt het uitgangspunt dat de verticale structuur nodig is en zelfs dat deze “ook altijd zal blijven bestaan”. Het advies is om de verbinding aan te gaan. Dat geldt overigens niet alleen voor politieke instituties maar net zo goed voor bedrijven, maatschappelijke organisaties, vakbonden en kerken. De Raad komt met een drietal suggesties om de verbinding tussen verticaal en horizontaal te verbeteren.


Het is interessant om te kijken naar de mogelijke verbeteringen van de verbindingen van verticaal en horizontaal. Wanneer we de lijnen verbinden zien we dat ze elkaar op zijn best op kruispunten kunnen ontmoeten. De vraag is of dat voldoende zal zijn om de trend van afnemend vertrouwen te keren, ook als er meerdere kruispunten worden toegevoegd en daar voortdurend aandacht voor is.























De ‘gehorizontaliseerde’ samenleving ziet ROB als een gegeven en het aangaan van meer verbindingen als onvermijdelijk. ROB pleit voor een publieksdemocratie door burgers meer invloed te geven op beleid, besluitvorming en de keuze van hun politieke bestuurders. Deze suggesties werden bij de ontvangst door de minister onmiddellijk terzijde gelegd. Zij heeft geen enkele behoefte om opnieuw te gaan kijken naar voorstellen die nog tamelijk recent afgewezen zijn, zoals het invoeren van referenda en andere vormen van het bevorderen van burgerparticipatie. Zij illustreerde voortreffelijk hoe de verticale bestuursstructuur opereert. Zij stapt niet in de horizontale ruimte en gaat een gesprek aan, nee ze ontvangt een advies en legt het meteen naast zich neer, ‘afgeserveerd’ zoals ze het zelf noemde. Vanuit de zaal verzuchtte Roel in ’t Veld dat hij, na de toespraak van de minster gehoord te hebben, haar graag eens een paar boeken zou willen geven.


De term publieksdemocratie suggereert dat burgers toekijken. Mij lijkt het begrip daarom niet zo goed gekozen. De essentie is nu juist dat er iets gebeurt met de initiatieven en de weelde aan opvattingen die in de samenleving aanwezig is. Niet als toeschouwer maar als deelnemer zodat de herkenning en het vertrouwen toeneemt. De term democratie volstaat wat mij betreft. Het gaat om de manier waarop er mee wordt omgegaan. Zien we de horizontale bewegingen als een bedreigende tsunami voor het systeem of juist als een verrijking? Nemen we elkaar serieus of niet?  In de woorden van Adam Kahane: is de macht (verticaal) positief en liefdevol of niet? Verbinding is een eerste stap in de goede richting. Dat vraagt van de verantwoordelijke mensen in de verticale kolommen om horizontaal gedrag. De paradox is dat veel geluiden in de horizontale ruimte juist vragen om krachtdadig optreden dat vaak uitmondt in verticale actie. Het is een continu proces van laveren.


“Vertrouwen op democratie” is bedoeld als aanzet voor een bredere benadering en moet een vervolg gaan krijgen met inbreng van anderen. Het bevat dus een uitnodiging om mee te praten en mee te denken. ROB zoekt dus de horizontaliteit op die zij beschrijft maar ontmoet daar voorlopig niet de politiek verantwoordelijke bewindspersoon. Die doet even niet mee. Daar kunnen we wel op vertrouwen.




















Guusje ter Horst, foto met IPhone in Nieuwspoort op 17 januari 2010


Internationaal perspectief


In internationaal perspectief is de focus ook gericht op herstel van vertrouwen, vooral met het oog op de economie. In een recent grootschalig onderzoek onder de titel “Mutual prosperity”, uitgevoerd door Price Waterhouse Coopers (PWC), komt het als volgt naar voren:


“Most importantly, governments must continue to re-build confidence and public trust, reduce uncertainty further through intelligent and authentic leadership and vision and create policies and mechanisms for collaboration that are appropriate for today’s global flows of capital. Public sector leaders must shift gear, from being reactive to events to being both proactive and interactive, with business and society. Governments must seize the opportunity to chart a way ahead, investing in the future as the global economy takes off towards growth.”


Door de noodgedwongen ingrepen van de nationale overheden in vooral de banken sector is de rol van de overheid feitelijk veranderd van volgend naar meer bepalend. De verhouding van bedrijfsleven tot de overheden is herzien. Deze situatie vraagt om meer internationale samenwerking en een pro-actieve & interactieve houding van de overheid.


De gemeenschappelijke noemer is dat politici de kernwaarden, beginselen en toekomstvisie opnieuw moeten funderen en voor het voetlicht brengen. De politiek moet meer een uitwisseling van waarden en beginselen zijn dan een strijd over maatregelen. Dat is nodig voor het opbouwen van vertrouwen zowel in het groot, de wereldorde en het financiële systeem, als in het zich kunnen herkennen in hun bestuur door individuele mensen. Er ontstaat een dynamische verstrengeling waar de oorspronkelijke horizontale en verticale lijnen met elkaar een geheel gaan vormen.





















 
 
 

volgende >

< vorige