Voor de verandering laten we alles zoals het is
Voor de verandering laten we alles zoals het is
vrijdag 20 november 2009
Deze week een naar eigen zeggen ‘korzelige’ bijdrage van Paul Frissen in Binnenlands Bestuur over Het Nieuwe Werken dat momenteel - ondanks dat het helemaal niet nieuw is - volop in de belangstelling staat. Met het Nieuwe Werken duidt men vooral het tijd- en plaats-onafhankelijk werken aan. Niet alle ambtelijke medewerkers moeten voor alles altijd op een kantoor zijn. De meest vergaande vorm draait het zelfs om: je mag alleen naar kantoor komen als het niet anders kan. Dat sluit aan bij hedendaagse wensen van individuele medewerkers die daardoor veel flexibeler zijn en makkelijker de balans van werk en privé kunnen bewaren. Sommige onderzoeken concluderen zelfs dat het de gemiddelde productiviteit ten goede komt. Bovendien kan het voor de werkgever kostenbesparend zijn als er minder vaste werkplekken nodig zijn. Je moet dus wel heel veel moeite doen om niet de voordelen te zien. Die moeite doet Paul Frissen, zij het wat korzelig, door deze ‘nieuwe’ manier van werken te verbinden aan wat in vorige decennia met hoge verwachtingen als nieuw werd gepresenteerd. Achter de mooie en swingende woorden van de vernieuwing van toen gaan klassieke dromen schuil die volgens Frissen op misverstanden berusten zoals:
-dat de overheid moet lijken op de samenleving die zij bestuurt en
-het idee van de maakbare samenleving.
De vraag is of meer flexibiliteit en individuele verantwoordelijkheid berust op de klassieke dromen van Frissen, althans die hij bedoelt. In mijn waarneming is de ontwikkeling een feit. Zelf heb ik geen vaste werkplek meer. Dat was wel even wennen, dat geef ik toe, maar ik zie de voordelen wel. Je wordt heel creatief en effectief, ook wat betreft het omgaan met de faciliteiten.
Toen ik vanmiddag bij het Ontwikkelingsbedrijf van de gemeente Amsterdam was zag ik dat hooguit 25% van de werkplekken bezet was. In mijn hoofd maakte ik een snel rekensommetje. Stel dat de gemeente niet langer 1 werkplek per persoon handhaaft maar bijvoorbeeld een norm hanteert van 0,75 en een werkplek kost 10.000 euro per jaar, dan scheelt dat voor de gemeente met 16.000 werkplekken, even kijken, 40.000.000 euro per jaar. Dat lijkt me vanuit het overheidsperspectief wel een nader onderzoekje waard. Maar dan moeten we wel een paar dwarsliggers en frustraties overwinnen die Frissen benoemt als: “Een vloeibare staat overschrijdt te gemakkelijk de grenzen van private en publieke domeinen. Begrensde effectiviteit is dus heilzaam. De staat is zwaar en gevaarlijk en daarom gelukkig beperkt in flexibiliteit en gehinderd door ‘checks and balances’ van verkokering.” Mij lijkt het juist heilzaam en helend als de overheid in staat is zich te ontwikkelen en mee te bewegen, mogelijkheden te benutten, de effectiviteit te verhogen en tegelijkertijd het financiële gat in de begroting te dempen. Dus voor de verandering laten we alles zoals het is en gaan we door met de ingezette ontwikkeling.
Foto met Iphone: Amsterdam op 19 november om 16.37 uur vanaf Regardz naast CS met dank aan de directie Concern Financiën van de gemeente Amsterdam