Raadscommissie NZ lijn

woensdag 7 oktober 2009

 

De gemeenteraad van Amsterdam onderzoekt de besluitvorming tot de aanleg van de NZlijn. Alle openbare verhoren heb ik bekeken op amsterdam.nl


De commissie lijkt vooral op zoek te zijn naar het opsporen van oorzaken die liggen buiten de gemeenteraad. Was de informatie die de gemeenteraad ontving wel correct? Waardoor ging het in de uitvoering op zoveel punten mis? Waardoor waren de contracten met aannemers niet goed? Wie speelde welke rol precies?


Een rode draad die ik zie is dat de verhoorde mensen, bestuurders en ambtenaren, weinig zelfreflectie tonen. “Met de kennis van nu had ik het wellicht anders moeten doen”. Met andere woorden “ik heb niets fout gedaan”. Op deze manier alle hoofdrolspelers achter elkaar gezet levert een illustratie op van een organisatie waar als iedereen zijn rol - naar eigen inzicht, eer en geweten - op zich goed vervult, het resultaat toch onvoldoende kan zijn.


De vraag is of de gemeenteraad zover zal komen wel aan zelfreflectie te doen. Bij volle bewustzijn heeft de gemeenteraad alle besluiten genomen die geleid hebben tot de huidige situatie.


Het verdient aanbeveling ook de huidige situatie in het zelfonderzoek te betrekken. Is nu wel aan alle eisen voldaan om de aanleg van de NZlijn tot een goed einde te brengen en er een succes van te maken? Dat vraag ik me af. Het lijkt me dat het geen kwaad kan om die vraag met de kennis van nu te beantwoorden.


Job Cohen - Binden


Een bundeling van lezingen van de burgemeester sinds 2001.  Het eerste

decennium van deze eeuw wordt gedomineerd door de gebeurtenissen 9/11

en de moorden op Pim Fortuyn en Theo van Gogh. Deze gebeurtenissen

hebben geleid tot het onderzoeken van wezenlijke vragen.

Via de lezingen is de zoektocht te volgen. De titel “Binden” is niet

verrassend. De boel bij elkaar houden, het vormgeven aan de gemeenschap

is de kerntaak voor de burgervader.


De Van der Grintenlezing (2009) verwoordt dat in de moderne,

geseculariseerde wereld die wezensvraag opnieuw wordt gesteld als volgt:

“Overal ter wereld (behalve in Europa) zien we dat religies aan kracht winnen

– met het christendom aan kop. Overal ter wereld zien we dat

geloofsgemeenschappen aan mensen de sociale cohesie, zingeving en steun

in materiële en spirituele zin geven die men bij andere maatschappelijke

verbanden aantreft noch vindt. Bovendien zie je in vele landen in bijvoorbeeld Zuid-Amerika, Afrika en Azië, maar ook in Oost- en Zuid-Europa, dat het juist de geloofsgemeenschappen (en niet de overheden) zijn die zorgen voor het oplossen van problemen op het gebied van scholing, huisvesting, medische zorg, armoede- en hongerbestrijding.

We zien ook dat een modern land als de Verenigde Staten van Amerika, nog steeds de eerste economie ter wereld, tegelijkertijd een zeer religieus land is.

Voor de vele secularisten en atheïsten in Europa is dit alles wel even slikken. De terugkeer van de religie in de publieke sfeer voelt dan als een bedreiging van het in de afgelopen decennia opgebouwde bestaan – juist bij diegenen die na een worsteling afscheid hebben genomen van het geloof van hun vaderen.”


De gedachte dat modernisering tot secularisering leidt klopt niet met de feiten, zegt ook de Canadese filosoof Charles Taylor (A Secular Age, 2007). Het leeglopen van de kerken in de jaren ‘60 van de vorige eeuw ging gepaard met de groei van allerhande oriëntaties van religie tot atheïsme, new age en spiritualiteit. Dat heeft te maken met dat mensen die wezensvraag blijven stellen: “Every person, and every society, lives with or by some conception(s) of what human flourishing is: what constitutes a fulfilled life? What makes life really worth living? What would we most admire people for? We can’t help asking these and related questions in our lives”. 


Het toekennen van betekenis is een waardevolle methode om in staat te zijn tot handelen. Wie in staat is om betekenis toe te kennen kan verder en komt verder.












 
 
 

volgende >

< vorige